Kort antwoord: locatie-gedifferentieerde opbrengsten, ook capture prices per locatie, zijn de volumegewogen marktprijzen die een specifieke zon- of windinstallatie daadwerkelijk realiseert. Ze worden bepaald door het productieprofiel van die asset, de marktprijs in de uren van opwek en lokale effecten zoals curtailment of beperkte teruglevering. In Nederland is de groothandelsprijs binnen één biedzone gelijk, maar de gerealiseerde capture price verschilt alsnog per installatie en regio.
Voor wie: voor energieadviseurs, vastgoedbeheerders, gemeenten en duurzaamheidsmanagers die een portefeuille met opwekassets of meerdere locaties beoordelen.
Wat je leert:
- hoe je capture prices en capture rates per locatie berekent met uurdata of P4-data;
- waarom zon en wind verschillende profielafslagen laten zien;
- hoe je deze inzichten gebruikt voor PPA’s, investeringen en netcongestiestrategie.
Wat zijn locatie-gedifferentieerde opbrengsten voor zon en wind?
Locatie-gedifferentieerde opbrengsten zijn asset-specifieke capture prices: de gemiddelde prijs per MWh die een installatie ontvangt, gewogen naar de uren waarin die installatie werkelijk produceert. Ze zeggen dus niet alleen hoeveel stroom je opwekt, maar vooral wat die opgewekte stroom op de markt waard is.
Dat verschil is belangrijk, omdat een MWh niet in elk uur evenveel oplevert. Een zonne-installatie die vooral produceert op goedkope middaguren kan een lagere capture price hebben dan een windturbine die vaker draait in duurdere avond- of winteruren. De marktwaarde van opwek hangt dus samen met timing, niet alleen met volume.
Voor Nederland zit daar een belangrijke nuance in. De EPEX Day-Ahead-prijs is binnen één biedzone gelijk, dus er is geen puur geografisch prijsverschil zoals in markten met meerdere biedzones. Toch ontstaan locatieverschillen door lokale weerpatronen, dakoriëntatie, kust versus binnenland, afregelverzoeken, netcongestie en verschillen in netto teruglevering.
Hoe bereken je een capture price per locatie?
Een capture price per locatie bereken je door de marktprijs in elk uur of kwartier te wegen met de productie van die installatie in hetzelfde tijdvak. Daardoor telt opwek in dure uren zwaarder mee dan opwek in goedkope of negatieve uren.
De basisformule is eenvoudig: capture price = Σ(prijs × productie) / Σ(productie). In de praktijk zit de complexiteit vooral in de datakeuze en de afbakening van wat je precies meet.
Een praktische aanpak ziet er zo uit:
- Verzamel gevalideerde productiegegevens per installatie, liefst op uurniveau of met P4-data.
- Koppel de relevante prijsreeks, meestal EPEX Day-Ahead, of de prijs waarop jouw PPA of settlement is gebaseerd.
- Bepaal de systeemgrens: bruto productie, netto teruglevering of gerealiseerde levering na curtailment.
- Bereken de volumegewogen prijs per asset, locatie of portfolio.
- Deel die capture price door de gekozen referentieprijs als je ook de capture rate wilt bepalen.
Voor vergelijkingen tussen locaties zit de fout meestal niet in de formule, maar in de definitie. Gebruik je omvormerdata, meetdata op de aansluiting of de verrekende volumes van de leverancier? Wie curtailment, onbalanskosten of verliezen meeneemt, berekent geen pure capture price meer, maar een bredere opbrengstanalyse. Dat is vaak juist nuttig, zolang je de definities consequent houdt.
Waarom verschillen capture prices tussen zon, wind en locaties?
Capture prices verschillen tussen zon, wind en locaties omdat elk productieprofiel samenvalt met andere prijsuren. Hoe meer een technologie produceert in uren met veel gelijktijdig aanbod, hoe lager meestal de capture price.
Voor zon, wind en locatie zie je in de praktijk drie duidelijke patronen:
- Zon produceert geconcentreerd rond de middag, vooral in lente en zomer. Juist dan is er vaak veel gelijktijdig aanbod en daalt de day-ahead-prijs.
- Wind produceert vaker in herfst en winter en ook buiten de middaguren. Dat kan gunstiger uitpakken, maar op zeer winderige dagen drukken grote volumes de prijs ook omlaag.
- Locatie beïnvloedt wanneer en hoeveel een asset produceert. Denk aan kust versus binnenland, offshore versus onshore, zuidoriëntatie versus oost-west en regionale beperkingen door netcongestie.
Bij zon is de profielafslag de afgelopen jaren zichtbaarder geworden. Veel PV-installaties leveren op dezelfde uren terug, waardoor de marktwaarde van die extra productie daalt. Een oost-westprofiel levert soms minder jaarlijkse kWh dan een zuidgericht dak, maar kan wel een gunstiger capture price hebben doordat het de middagpiek afvlakt.
Bij wind is het beeld minder eenduidig. Wind vangt relatief vaak winterprijzen, maar ook hier geldt dat grootschalige gelijktijdigheid de marktprijs onder druk zet. In onze ogen wordt netcongestie daarbij nog te vaak als een los netwerkprobleem behandeld, terwijl het direct op de economische waarde van opwek ingrijpt. Een asset met een hoge jaaropbrengst kan lokaal minder waard blijken als teruglevering regelmatig moet worden begrensd.
Wat is het verschil tussen capture price, capture rate en profielafslag?
Capture price, capture rate en profielafslag meten niet hetzelfde. Capture price is de gerealiseerde gemiddelde marktprijs in €/MWh, capture rate zet die af tegen een referentieprijs en profielafslag laat zien hoeveel waarde je verliest door het productieprofiel.
De begrippen kun je zo van elkaar scheiden:
- Capture price: de volumegewogen prijs die de asset daadwerkelijk haalt in €/MWh.
- Capture rate, ook capture ratio genoemd: capture price gedeeld door een referentieprijs, vaak de ongewogen EPEX Day-Ahead-prijs.
- Profielafslag: het verschil tussen de referentieprijs en de capture price, uitgedrukt in €/MWh of in procenten.
Een eenvoudig voorbeeld maakt dat verschil helder. Stel dat de gemiddelde day-ahead-prijs 80 €/MWh is en een zonne-installatie door haar productie-uren 52 €/MWh realiseert. Dan is de capture rate 65 procent en de profielafslag 28 €/MWh, of 35 procent.
Voor rapportages en businesscases heb je vaak alle drie nodig. De capture price is relevant voor PPA-pricing en opbrengstmodellering. De capture rate maakt technologieën en jaren beter vergelijkbaar. De profielafslag laat direct zien hoeveel marktwaarde verloren gaat door timing van opwek, en is daarom belangrijk bij SDE++-scenario’s en portefeuilleanalyses.
Hoe gebruik je locatie-gedifferentieerde capture prices in investeringsbeslissingen?
Locatie-gedifferentieerde capture prices gebruik je om businesscases realistischer te maken en portefeuilles slimmer te sturen. Ze laten zien welke assets vooral volume leveren en welke assets daadwerkelijk marktwaarde toevoegen.
In de praktijk helpen deze inzichten je bij meerdere keuzes:
- Je bepaalt of extra zon, wind, opslag of vraagsturing op een locatie het meeste waarde toevoegt.
- Je onderbouwt PPA-prijzen en hedge-aannames met assetdata in plaats van landelijke gemiddelden.
- Je beoordeelt of een nieuwe aansluiting vooral veel kWh oplevert, of ook productie in waardevollere uren.
- Je spreidt een portefeuille over regio’s en profielen om prijskannibalisatie te dempen.
- Je herkent locaties waar direct verbruik of opslag economisch logischer is dan maximale teruglevering.
Voor organisaties met meerdere gebouwen of opwekassets vraagt dit om centrale data-analyse. Met energiebeheer voor meerdere locaties kun je productie, verbruik, teruglevering en marktprijzen naast elkaar zetten, zodat je gefundeerde beslissingen neemt op assetniveau in plaats van op aannames. Juist daar ontstaat Inzicht in energie dat bruikbaar is voor investeringen, exploitatie en rapportage.
Wij verwachten dat landelijke gemiddelden de komende jaren minder bruikbaar worden. Naarmate meer zon en wind gelijktijdig produceren en netcongestie aanhoudt, wordt de kernvraag niet hoeveel een asset opwekt, maar wanneer en waar die productie waarde heeft. Wie capture prices alleen op nationaal niveau bekijkt, mist precies dat verschil.